KNOLRIBZAAD of KNOLKERVEL  is een echt vergeten groente

0

Knolkervel of knolribzaad = Chaerophyllum Bulbosum is een inheemse plant in Centraal- en Oost-Europa, waar deze plant al eeuwenlang als groente wordt gekweekt. Het is een tweejarige plant uit de familie van de schermbloemige planten, die best behoorlijk hoog kan worden ( 150 cm is normaal).

Uit de knol groeit een holle stijve stengel met aan de voet rode puntjes. Het onderste stuk van de stengel is wit behaard, waarbij de haren recht omhoog langs de steel staan. Het bovenstuk van de steel is kaal, berijpt. Het heeft verspreid-staande, fijn-verdeelde, drie- of viervoudig blad. De plant bloeit in juni en juli in schermen van 5 tot 12 stralen met witte, kleine bloempjes met vijf bloem- en kelkblaadjes. Het vormt splitvruchten met een lengte van rond een ½ cm.

Als wilde plant groeit knolribzaad op natte, voedselrijke gronden en komt dus voornamelijk op rivieroevers en in uiterwaarden voor. Daarnaast is de plant ook te vinden in ruigten, heggen en bermen.  Komt eigenlijk niet in België voor, maar wel plaatselijk in het oosten van Nederland rond om de grote rivieren.

Maar pas op: het blad en de bloemschermen lijken erg op Dolle Kervel. Alleen deze plant vormt geen knollen. Net als het blad van Knolribzaad is het blad daarvan licht giftig. Koeien die het eten, gedragen zich of ze dronken zijn.

Dolle Kervel in bloei

AANPLANT

Door te zaaien. Weberseeds ( Zit ook in Vaals) levert het per 10  gram = 4.000 zaden ( 13 euro). Knolribzaad groeit het beste op natte, voedselrijke gronden. Het zaad moet of een winter hebben doorstaan of een koude periode in het vriesvak van uw koelkast gehad hebben om goed te kiemen. Zaai daarom in het najaar of zet het zaad (een paar dagen is voldoende) in het vriesvak van uw koelkast bij een temperatuur van ± -6°C. De planten worden behoorlijk hoog, dus plats de gekiemde planten in een hoek van uw terrein. In de herfst kan men dan kleine knolletjes oogsten. Wil men grotere knollen, dan moet men nu de knollen niet oogsten maar nog een seizoen laten groeien.

MEDISCH

Medisch gebruik: niet bekend.

INHOUDSSTOFFEN

De plant bevat een etherische olie: Sesquiterpeen (een stof in planten om insecten weg te jagen), Germacreen D ( een belabgrijk bestanddeel van Ylang Ylang), Flavoiden als Quercetine ( een natuurlijke antioxidant en kleurstof) , Luteoline (natuurlijke gele kleurstof en anti-oxidant), Kamferolie ( stimuleert hart en bloedvaten) en de Glykoside daarvan en Polyine.

In de wortel zit Falcarinol (versterkt het natuurlijke immuumsysteem). Verder 57 % zetmeel en 5% suiker.

Alles wat je nu over knolribzaad en andere eetbare planten op natuur-keuken leest is enkel informatief bedoeld. Het is nooit een medisch advies

EETBAAR

De knollen worden wel 10cm, groot en zijn stevig en aardebruin van kleur. Soms zijn ze bolrond tot langgerekt van vorm. Daarbij is het vruchtvlees wit. De knol wordt gekookt gegeten, is erg rijk aan eiwitten en koolhydraten. De wel zoete, anijsachtige smaak lijkt op kastanjes en best erg lekker. Je kan de knol ook bakken of frituren. Ze zijn geoogst lang te bewaren.

gebakken knolribzaadknolletjes

Het blad is licht giftig en wordt dus niet gegeten, ook de knol is ongekookt heel licht giftig.

Tot ver in de negentiende eeuw werd de knolkervel ook hier nog vaak als groente verbouwd. De stormachtige opkomst van de aardappel in de Franse tijd heeft waarschijnlijk zowel de wortelpeterselie, de pastinaak als het knolribzaad verdrongen.

RECEPT

Knolribzaad kan je in blokjes ongeveer 15 minuten koken en dan afwerken met roomboter of er puree met room van maken. Ook van het kooknat en de stukje knolribzaadknol kan je een heerlijke soep maken.

KNOLRIBZAADPUREE uit de oven

  • 400 gram knolribzaad
  • 1/3 kilo aardappels (liefst licht melige)
  • 1 ui
  • Zout en peper
  • Wat groentebouillon
  • 3 eieren
  • Boter en eventueel wat room
  • Wat geraspte oude kaas o f Parmezaan
  • Eventueel wat broodkruim of paneermeel

Groente schillen, schoonmaken en in blokjes snijden. Opzetten met de groentebouillon, tot de groente gaar is (rond 15 minuten). Met staafmixer fijn maken of met pureeknijper.

Eieren scheiden en eigelen met boter (en eventueel de room) door de puree mengen.

Eiwit met wat zout stijf-kloppen. Door de puree vouwen.

Alles in een ingevette ovenschaal. Oven voorverwarmen op 200 graden.

Er over wat paneermeel naar smaak en geraspte kaas over verdelen. Zeker 20 minuten in de oven tot de schotel van boven goudgeel is.

  • Men kan de puree ook met een plak blauwe kaas vullen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *